Belangrijke informatie

Deze website is uitsluitend bedoeld voor financiële tussenpersonen in België.

 

Als u een individuele belegger bent, klik dan hier, als u een institutionele belegger bent, klik dan hier. Als u informatie zoekt voor een andere locatie, klik dan hier.

 

Door te klikken, verklaart u dat u de informatie over wet- en regelgeving volledig hebt begrepen en hiermee instemt.

Kunstmatige intelligentie (AI) Vier scenario's voor de toekomst van AI

Artificiële intelligentie blijft zich in ijltempo ontwikkelen. De modellen worden beter, rekenkracht wordt minder duur en bedrijven beginnen tastbare efficiëntiewinsten te rapporteren.

 

Tegelijkertijd wordt de AI-investeringscyclus structureler. Voor investeringsuitgaven van hyperscalers, de uitbreiding van datacenters en de financiering van elektriciteitsintensieve projecten wordt er steeds vaker een beroep gedaan op de obligatiemarkten. Het aanbod op de markten voor bedrijfsobligaties is dit jaar opmerkelijk gestegen, en een groot deel daarvan heeft te maken met grootschalige investeringen in technologie. Toenemende investeringsuitgaven, meer obligatie-uitgiften en de dalende kosten van rekenkracht (de hardware die AI nodig heeft om te functioneren) wijzen op het begin van een cyclus van diepte-investeringen en geen tijdelijke opleving.

 

Het beleid bepaalt hoe de transitie zich voltrekt. Een soepeler begrotingsbeleid in bepaalde delen van Europa, een inschikkelijk klimaat in Japan en verwachte renteaanpassingen in de VS banen de weg voor verdere investeringen. De reglementering wordt strenger, maar het globale beleidsklimaat – vooral gezien de context van nationale strategische concurrentie – lijkt AI-adoptie veeleer te stimuleren dan te beperken.

De eerste tekenen van productiviteitswinsten worden zichtbaar

Twee staafdiagrammen tonen de resultaten van de peiling over de productiviteitseffecten van AI. In het linkerdiagram met als titel 'Geschatte tijdsbesparing per werknemer door AI?' zijn de antwoorden geconcentreerd in het bereik tussen 11% en 20% (46%) en het bereik tussen 5% en 10% (29%). Een kleiner aantal respondenten rapporteert 21% tot 30% (6%), meer dan 30% (3%), minder dan 5% (8%), of zegt geen mening te hebben (8%). In het rechterdiagram met als titel 'Bespaarde bedrijfskosten door implementatie van AI?' rapporteren de meeste respondenten een besparing van 6% tot 10% (32%), gevolgd door 1% tot 5% (28%), geen mening (18%), 11% tot 20% (11%), geen (8%) en meer dan 20% (3%).

Bron: AI impact on Job Market Survey (een eigen peiling van Capital Strategy Research, Capital Group over de impact van AI op de arbeidsmarkt), per oktober 2025. Er werden vijfenzestig respondenten ondervraagd.

Dat wijst op een aanzienlijk momentum, weliswaar met een portie onzekerheid. AI wordt steeds meer gebruikt, maar de echte wereld biedt nog weerstand. Er wordt fors geïnvesteerd, hoewel de rendementen afhankelijk zullen zijn van het tempo waarin deze tools ingang vinden in de bredere economie.

 

In een klimaat van hoge onzekerheid bieden prognoses van enkelvoudige indicatoren mogelijk geen goed beeld. Daarom heeft Capital Group het Night Watch-team samengesteld, een multidisciplinair team van economen, politiek analisten en portefeuillebeheerders dat onderzoek doet naar marktverstoringen om zo betere beleggingsbeslissingen te kunnen faciliteren. Het team voorspelt niet één mogelijk resultaat, maar werkt samen om een waaier van plausibele toekomstscenario's uit te werken. Het Night Watch-team helpt om een duidelijker beeld te geven van de manier waarop verschillende combinaties van technologische, economische en beleidskrachten op elkaar kunnen inwerken – en wat elk traject voor een beleggingsportefeuille zou kunnen betekenen.

 

Specifiek voor AI geven die assen de mate van AI-adoptie in de hele economie weer, evenals het overheidsbeleid en het financiële klimaat. Door die assen met elkaar te kruisen, ontstaan er vier verschillende werelden. De volgende scenario's bouwen voort op dit kader om te schetsen hoe de AI-transitie zou kunnen verlopen.

Een denkkader voor de toekomst van AI

Conceptueel kader met vier vakken met elk een mogelijke toekomst voor AI. De horizontale as vertegenwoordigt de mate van AI-adoptie (van laag tot hoog) en de verticale as vertegenwoordigt het overheidsbeleid (van strikt tot soepel). De vier kwadranten krijgen de naam 'Wereld vóór ChatGPT' (lage AI-adoptie, soepel overheidsbeleid), 'Zeepbel barst' (lage AI-adoptie, strikt overheidsbeleid), 'Evenwichtig traject' (hoge AI-adoptie, strikt overheidsbeleid), en 'AI-supercyclus' (hoge AI-adoptie, soepel overheidsbeleid), en elk kwadrant beschrijft een ander scenario voor de groei, de productiviteit, de inflatie en de markt.

Bron: Capital Group. Louter ter illustratie. 

Scenario 1: AI-supercyclus

 

In dit scenario wordt AI een inherent onderdeel van elke sector. Bedrijven reorganiseren hun workflows, automatiseren routinetaken en gebruiken AI-tools voor operationele, analytische en creatieve werkzaamheden. Door de eerste tekenen van een verbeterde productiviteit en de dalende kosten van rekencapaciteit wordt de drempel om AI te gebruiken voor anderen verlaagd.

 

Stimulerende beleidsmaatregelen versterken dit scenario. Regeringen geven prioriteit aan concurrentievermogen, nationale productiviteit en het strategische belang van sectoren waar AI een belangrijke rol speelt, waardoor er een klimaat ontstaat dat aanhoudende investeringen aanmoedigt. Het regelgevende kader ontwikkelt zich op een manier die sectoren stimuleert om met AI te experimenteren en AI uit te rollen. Daarnaast helpen begrotingstools – stimuleringsmaatregelen, aanbestedingen of gerichte infrastructuuruitgaven – om knelpunten weg te werken en een wijdverbreider gebruik te versnellen.

 

Ook ontstaat er een cyclus van aanhoudende investeringen. Door de uitbreiding van datacentercapaciteit en de bijbehorende infrastructuur ontstaat er een duurzame vraag naar elektriciteitsintensieve apparatuur en materialen, en door de lagere informaticakosten per eenheid kunnen bedrijven het gebruik van AI eenvoudiger opschalen. Door de combinatie van een inschikkelijk beleid en toegankelijke financiering enerzijds en brede AI-adoptie anderzijds heeft de wisselwerking tussen beide assen een wederzijds versterkend effect: productiviteitswinsten zijn goed voor de bedrijfswinsten, die vervolgens investeringen mogelijk maken, die dan weer een toenemend gebruik van AI in de hand werken. Het resultaat is een langdurige periode van hoge groei en steeds betere marges.

 

Scenario 2: evenwichtig traject

 

In dit scenario zet AI zijn opmars voort, maar in een tempo dat van bedrijf tot bedrijf en van sector tot sector wezenlijk verschilt. Er zijn bedrijven die het gebruik van AI snel opvoeren, terwijl andere voorzichtiger te werk gaan door overwegingen over kosten, stroomvoorziening, dataparaatheid of reglementaire onzekerheid. Er wordt reële vooruitgang geboekt, maar die is niet gelijklopend. Het traject lijkt veeleer op een trap dan op een roltrap.

 

Deze ongelijkmatige vooruitgang is mede te wijten aan verschillende praktische beperkingen. In bepaalde domeinen blijven de financieringskosten hoog of kunnen bedrijven vanwege balansprioriteiten niet even snel omschakelen naar nieuwe tools. Elders werken bedrijven met oudere systemen of moeten ze zich aan nieuwe reglementaire normen aanpassen waardoor de volledige integratie van AI langzamer verloopt. Ook kunnen er gemengde beleidssignalen worden gegeven: gunstig in bepaalde rechtsgebieden, terughoudender in andere. Deze weerstand brengt het AI-momentum niet tot stilstand, maar levert een patroon op van enerzijds snel veranderende sectoren terwijl andere wachten op duidelijkere economische signalen of een gunstiger beleidsklimaat.

 

Scenario 3: zeepbel barst

 

In deze wereld wordt er sneller geïnvesteerd dan er rendement wordt behaald, terwijl het beleid of het financiële klimaat minder gunstig wordt. Door de hogere financieringskosten, strengere kredietnormen of een verschuiving in risicoappetijt wordt het moeilijker om nieuwe projecten te financieren. Ook kan de begroting onder grotere druk komen te staan, waardoor regeringen beslissen om steunmaatregelen te beperken of voorrang te verlenen aan andere domeinen. Het toezicht kan verstrengen, vooral in sectoren waar er vragen rijzen over gegevensbeveiliging, het concurrentielandschap of werkgelegenheidsverplaatsing. Alles bij elkaar leidt dit tot een globaal strengere beleidsomgeving waar bestaande zorgen over rendementen worden uitvergroot.

 

Verder zijn er datacenterprojecten die vertraging oplopen en blijkt op korte termijn mogelijk een overcapaciteit in delen van de energiebevoorrading en de toeleveringsketen van halfgeleiders. Bedrijven bepalen een nieuwe tijdlijn voor de uitrol van AI en beleggers kiezen dan toch veeleer voor stabiliteit. Het belangrijkste risico is niet dat AI uitdooft, maar dat er zo snel wordt geïnvesteerd dat de onderliggende economie het niet kan bijhouden.

 

Grote, met schuld gefinancierde projecten kunnen andere uitgiften van bedrijfsobligaties verdringen of ertoe leiden dat bepaalde infrastructuur onderbenut wordt. De markten heroverwegen hoelang het duurt vooraleer er rendement kan worden behaald, waardoor bedrijven beslissen om uitbreidingsplannen uit te stellen en zich meer toe te leggen op gebruik en niet op een snelle uitbouw.

 

Scenario 4: terug naar de wereld van vóór ChatGPT

 

In dit scenario wordt AI nooit de katalysator die velen hadden verwacht. Het gebruik van AI blijft beperkt tot nichespelers: tools worden getest, dashboards worden verbeterd, hier en daar wordt de workflow deels geautomatiseerd, maar de grote omwenteling komt er niet. Bedrijven experimenteren zonder echt volledig in te zetten op AI, afgeremd door gefragmenteerde systemen, ongelijkmatige datafundamenten en een beperkt vermogen om verandering op te vangen. AI blijkt nuttig in afgebakende segmenten, maar gooit de manier van werken niet volledig om. De productiviteitswinsten blijven bescheiden en beperkt tot geïsoleerde functies en dringen niet door tot de bredere economie.

 

Zelfs met een stimulerend beleid en goedkoop kapitaal neemt het momentum af. Er zijn nog steeds financieringsstromen beschikbaar, maar de investeringen richten zich op bewezen technologieën met duidelijkere rendementen. Liquiditeit tilt de markten hoger, maar die laten zich meer leiden door narratieven dan door data, en de afstand tussen de waarderingen en de reële efficiëntieverbeteringen wordt steeds groter. De groei blijft berusten op traditionele factoren terwijl AI een bijrol voor haar rekening neemt, die veeleer tot verwachtingen dan tot resultaten leidt. Het resultaat is een cyclus die wordt bepaald door optimisme zonder transformatie – een wereld waarin AI belangrijk is, maar niet genoeg om macro-economische verandering teweeg te brengen.

 

Implicaties voor beleggers

 

De eerste tekenen lijken er momenteel op te wijzen dat de AI-expansie al is ingezet. Productiviteitswinsten worden stilaan zichtbaar in de data, er wordt nog steeds aanzienlijk geïnvesteerd in AI-infrastructuur en het beleidsklimaat in belangrijke economieën is grotendeels gunstig voor voortgezette innovatie.

 

In deze context lijkt een constructief traject de overhand te krijgen, waarin AI steeds meer gebruikt wordt, de productiviteit alsmaar toeneemt en er steeds meer in de ontwikkeling van AI wordt geïnvesteerd. Maar dit is niet het hele verhaal. Een wereld van gestage, maar ongelijke vooruitgang blijft perfect plausibel, en het kan altijd dat de verwachtingen vooruitlopen op de rendementen, of dat AI in een gestager tempo ingang vindt. Elk scenario weerspiegelt een andere wisselwerking tussen de twee kritieke assen: de mate waarin AI doordringt in de hele economie, en de vraag of het beleid en het financiële klimaat gunstig blijven dan wel strenger worden.

 

Wat beleggers concreet kunnen doen, is niet één scenario vooropstellen, maar goed blijven letten op de signalen die aangeven waar we ons op deze assen bevinden: het tempo van AI-integratie in bedrijven, aanwijzingen van duurzame productiviteitswinsten, het ritme van investeringsuitgaven en de reactie van beleidsmakers op veranderingen in de cyclus. AI boekt razendsnel vooruitgang; de economie zal er langer over doen om zich aan te passen. Naarmate deze transitie zich duidelijker aftekent, is het essentieel dat beleggers zich terdege bewust blijven van de verschuivingen die het ene of het andere scenario waarschijnlijker maken.

Jared Franz is econoom en heeft 20 jaar ervaring in de beleggingsbranche (per 31/12/2025). Hij heeft een PhD in Economics van de University of Illinois in Chicago in Economics en een bachelor in Mathematics van Northwestern University.

Resultaten uit het verleden zijn niet indicatief voor de toekomst. Het is niet mogelijk om direct te beleggen in een index, die niet wordt beheerd. De waarde van de beleggingen en de inkomsten daaruit kunnen zowel stijgen als dalen en u kunt uw belegde vermogen geheel of gedeeltelijk verliezen. Deze informatie is niet bedoeld als beleggings-, fiscaal of ander advies, noch als een aansporing tot het kopen of verkopen van effecten.
 
Verklaringen die worden toegeschreven aan een persoon verwoorden de mening van die persoon op het moment van publicatie en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs de mening van Capital Group of haar dochterondernemingen. Alle informatie is per de aangegeven datum, tenzij anders vermeld. Sommige informatie kan van derden afkomstig zijn en als zodanig kan de betrouwbaarheid van die informatie kan niet worden gegarandeerd.
 
Capital Group heeft vermogensbeheer ondergebracht bij drie beleggingsteams. Deze teams nemen onafhankelijk van elkaar beslissingen over beleggingen en stemvolmachten. Onze fixed-income specialisten doen voor de hele Capital-organisatie onderzoek naar vastrentende producten en beleggen daarin. Voor aandelen handelen ze echter uitsluitend namens een van de drie equity-beleggingsteams.