Belangrijke informatie

Deze website is uitsluitend bedoeld voor financiële tussenpersonen in België.

 

Als u een individuele belegger bent, klik dan hier, als u een institutionele belegger bent, klik dan hier. Als u informatie zoekt voor een andere locatie, klik dan hier.

 

Door te klikken, verklaart u dat u de informatie over wet- en regelgeving volledig hebt begrepen en hiermee instemt.

ESG Groene groeischeuten in de Europese bouwsector?

BELANGRIJKSTE CONCLUSIES

  • De vooruitzichten voor de Europese cement- en staalindustrie klaren grotendeels op nu er hogere uitgaven voor infrastructuur, energie en defensie in de pijplijn zitten.
  • De regelgeving rond emissies verandert, maar de algemene trend blijft er volgens onze beleggingsprofessionals een van verdere Europese verstrenging.
  • Koolstofarm cement is in Europa commercieel verkrijgbaar en kent een grote vraag, terwijl koolstofarm staal veel minder goed in de markt ligt.
  • Cement- en staalfabrikanten met een uitgekiend en goed gepland decarbonisatietraject kunnen op lange termijn een concurrentievoordeel uitbouwen.

De Europese bouwsector staat aan de vooravond van een geleidelijke opleving, en tegelijk kan een bijsturing van het beleid van de Europese Unie (EU) de vraag naar lokaal geproduceerd koolstofarm staal en cement stimuleren. In dit artikel bespreken we drie belangrijke elementen die u bij beleggingen in de Europese cement- en staalindustrie in overweging moet nemen.

 

1. De stemming wordt schoorvoetend optimistischer

 

De Europese bouwsector kende de afgelopen twee jaar zijn laagste productie sinds de pandemie, maar hoopt dankzij investeringen in infrastructuur de komende jaren stilaan uit het dal te kunnen klimmen.1 Duitsland neemt het voortouw met een infrastructuurfonds dat de komende twaalf jaar € 500 miljard wil investeren in onder meer transportinfrastructuur, klimaataanpassingen, digitalisering en energie-infrastructuur.2 Ook elders in de regio is de infrastructuur toe aan een verregaande modernisering en opwaardering. Zo schat de EU dat er € 1,2 biljoen aan investeringen nodig zijn om het elektriciteitsnet bij de tijd te brengen.

 

Dat is goed nieuws voor de vraagvooruitzichten van essentiële bouwmaterialen, zoals cement en staal. Civiele bouwprojecten zijn goed voor meer dan een derde van het totale cementverbruik in de EU.3 De bouwsector is ook de grootste afnemer van staal in de regio, met opnieuw een aandeel van ruim een derde in de vraag.4

 

Een andere aanjager van de vraag naar cement en staal is de elektrificatie. Veel staalproducten zijn essentieel voor de bouw van hernieuwbare energiesystemen, zoals hoogwaardig roestvrij staal voor zonnepanelen. Een windturbine bestaat volgens de World Steel Association voor 84% tot 90% uit materialen die zijn gemaakt van ijzer en staal.5

 

Ook de stijgende defensie-uitgaven in de regio kunnen de vraag naar cement en staal opdrijven, van de bouw van kazernes tot de productie van wapens.

Ambitieuze Duitse bouwplannen

Geplande infrastructuuruitgaven van de Duitse regering tot en met 2029

Ambitieuze Duitse bouwplannen

Bron: Federaal ministerie van Financiën, Duitsland. “German government intensifies its investment drive: 2026 federal budget and fiscal plan to 2029 adopted”, gepubliceerd op 30 juli 2025. 'Overige' omvat drie categorieën: onderzoek en ontwikkeling, onderwijs- en kinderopvanginfrastructuur en woningbouw. 

2. Het klimaat- en industriebeleid van de EU kleurt de vooruitzichten

 

Gebouwen behoren wereldwijd tot de grootste bronnen van emissies.6 Veel Europese overheden hebben dan ook de energie-efficiëntienormen aangescherpt en maatregelen genomen om de productie van koolstofarme bouwmaterialen aan te moedigen en een markt voor die materialen te ontwikkelen.

 

Die beleidskeuzes en regels houden voor een hele rist bedrijven zowel risico's als kansen in – van aanbieders van producten die de energie-efficiëntie verbeteren tot innovatieve fabrikanten van prefabwoningen en ontwikkelaars van koolstofarme bouwmaterialen.

 

Op het vlak van klimaatbeleid loopt de EU wereldwijd voorop. Met haar klimaatdoelstelling voor 2050 koos zij ondubbelzinnig voor decarbonisatie. Sindsdien baart het concurrentievermogen van de economie echter zorgen en dringt een pragmatische benadering van het klimaatbeleid zich op.

 

Een goed voorbeeld daarvan is het Europese emissiehandelssysteem (Emissions Trading System – ETS). Dat beperkt hoeveel broeikasgassen (BKG) bepaalde sectoren met hoge emissies mogen uitstoten en vormt de spil van het Europese klimaatbeleid. Het verplicht bedrijven ook om hun emissies af te dekken door emissierechten te kopen (één emissierecht laat toe om één ton CO2-equivalent uit te stoten). De uitstootlimiet wordt elk jaar verlaagd in lijn met de klimaatdoelen van de EU en emissierechten kunnen worden verhandeld of bewaard voor later gebruik.

 

Sectoren waarvoor het risico dat de productie zou verhuizen naar landen met minder strenge emissieregels het grootst werd geacht, waaronder staal en cement, kregen gratis emissierechten. Vanaf dit jaar worden die gratis emissierechten echter geleidelijk uitgefaseerd, aangezien de EU het mechanisme voor koolstofgrenscorrectie (Carbon Border Adjustment Mechanism – CBAM) heeft ingevoerd, waardoor importeurs dezelfde koolstofprijzen moeten betalen als Europese fabrikanten en er de facto een gelijk speelveld ontstaat.

 

Vanwege de volatiliteit op de energiemarkt hebben sommige Europese landen, die vrezen dat de dure emissierechten hun concurrentievermogen aantasten, de afgelopen maanden opgeroepen om het ETS te schrappen of de sterke stijging van de koolstofprijzen af te toppen. Volledig komaf maken met het kroonjuweel van haar klimaatbeleid wil de EU niet, maar als reactie op de kritiek werkt ze nu wel aanpassingen uit om de meest kwetsbare sectoren te beschermen, bijvoorbeeld door pieken in de koolstofprijs te beperken. Tegelijk heeft de EU een industrieel en handelsbeleid geïntroduceerd dat werk moet maken van verschillende strategische prioriteiten, inclusief het concurrentievermogen van de economie en decarbonisatie. De recent voorgestelde 'Verordening industriële versnelling' voorziet bijvoorbeeld in een verplichting om bij overheidsaanbestedingen 'Europees' en koolstofarm te kopen en in maatregelen om vergunningsprocedures te stroomlijnen en versnellen. De beleidsmakers hebben ook afgesproken de invoerquota fors te verlagen en hogere heffingen op te leggen aan alle invoer boven het quotum. Een overzicht van de belangrijkste maatregelen vindt u hieronder.

 

"De EU heeft kleine stappen gezet om Europese producenten te helpen door invoerheffingen op te leggen voor staal en de import van staal, cement en andere materialen aan een koolstofheffing te onderwerpen", aldus Wahid Butt, equity investment analyst. 

De tijd van niets doen is voorbij

Een greep uit het beleid en de regels van de EU op het gebied van industrie, handel en klimaat

 Beleid

Doelstellingen / Belangrijkste maatregelen

EU-ETS – Fase 4

(2021-2030)

  • Mechanismen om de toekenning van gratis emissierechten te verminderen
  • Aanpassingen aan de marktstabiliteitsreserve (een instrument om een teveel aan emissierechten op te vangen)
  • Uitbreiding naar emissies scheepvaart

Verordening voor een nettonulindustrie

(juni 2024)

  • De productie van schone technologieën in de EU opschalen

Kompas voor concurrentievermogen

(januari 2025)

  • Pistes voor de EU om innovatie te stimuleren, de economie koolstofarm te maken en haar afhankelijkheid te verminderen

Clean Industrial Deal

(februari 2025)

  • Acties om van decarbonisatie een groeimotor voor de Europese industrie te maken
  • Maatregelen om de productie overal aan te zwengelen, met de nadruk op de energie-intensieve industrie en de sector van de schone technologie

Pakket Europese netten

(voorgesteld in december 2025)

  • Wetsvoorstellen om de trans-Europese energie-infrastructuur te versterken en vergunningsprocedures te versnellen
  • Richtlijnen voor efficiënte en tijdige netaansluitingen

Mechanisme voor koolstofgrenscorrectie (januari 2026)

  • Importeurs betalen een koolstofprijs die overeenkomt met wat Europese fabrikanten onder het EU-ETS betalen

Verordening industriële versnelling
(voorgesteld in maart 2026)

  • Gestroomlijnde en snellere vergunningsprocedures
  • Verplichting om bij nationale en openbare aanbestedingsprocedures 'Europees' en koolstofarm te kopen
  • Voorwaarden voor directe buitenlandse investeringen in strategische sectoren

Maatregelen om de Europese staalmarkt te beschermen (goedgekeurd door de leden van het Europees Parlement in mei 2026)

  • Minder afhankelijkheid van staalimport
  • 47% minder heffingsvrije staalinvoer
  • Heffing verdubbeld naar 50% op quotumoverschrijding

Bronnen: Europese Unie, EY.

3. Decarbonisatiepioniers zijn op langere termijn mogelijk in het voordeel

 

De productie van ijzer en staal is verantwoordelijk voor zowat 8% van de wereldwijde BKG-emissies, de productie van cement en beton is goed voor nog eens 6%.7 Het grote volume aan cement- en staalverbruik betekent dat een grootschalige decarbonisatie van de productie de wereldwijde emissies sterk zou kunnen terugdringen.

 

Koolstofarm produceren kan door in te zetten op emissiearme of -vrije alternatieven voor fossiele brandstoffen, efficiënter energie- en grondstoffengebruik, koolstofafvang of een volledig nieuw productieproces. Om die technieken op commerciële schaal te kunnen toepassen, zijn stevige investeringen nodig. 

 

Er is vooruitgang. Vorig jaar produceerde een fabriek in Europa met een koolstofafvanginstallatie 's werelds eerste commercieel verkrijgbare bijna emissievrije cement.8 Daar was meteen behoorlijk wat vraag naar. Nog verschillende andere projecten voor cementproductie met koolstofafvang zijn in ontwikkeling. 

 

Speculatie dat de EU haar emissiehandelssysteem zal afzwakken, heeft de afgelopen maanden op Europese cementaandelen gewogen. Een deel van ons beleggingsteam denkt echter dat de markt te sterk heeft gereageerd – aangezien de Europese leiders nogmaals hun steun voor het ETS hebben uitgesproken, loopt de koolstofprijs op termijn wellicht verder op. "Naarmate er minder gratis emissierechten zijn, zullen de hogere koolstofprijzen een steeds groter deel van de totale productiekosten gaan uitmaken en de kostencurve doen versteilen", aldus equity investment analyst Anna Zandi. "Samen met CBAM zal dat het prijszettingsvermogen van de cementindustrie vergroten en een consolidatie in de hand werken waarbij de meest vervuilende fabrieken uit de markt geduwd worden. Pioniers in decarbonisatie zullen dan wellicht profiteren van zowel de structureel verbeterde markt als hun in verhouding lagere kosten."

 

In de staalproductie verkeert decarbonisatie daarentegen nog in de embryonale fase. Commercieel levensvatbaar bijna emissievrij staal bestaat vandaag niet en de vraag naar emissiearm staal is verwaarloosbaar. Koolstofafvang, groene waterstof en andere innovatieve oplossingen zijn veelbelovend, maar nog niet rijp. En terwijl Europa's cementproducenten de afgelopen jaren door gedisciplineerd met kapitaalinvesteringen om te springen aan prijszettingsvermogen hebben gewonnen in een erg lokale markt, kampen Europese staalfabrikanten met een zwakke vraag en de dreiging van chronische overcapaciteit op wereldniveau en massale invoer. Het mag dan ook niet verbazen dat enkele van hen, verwijzend naar de onzekerheid over het beleid en de hoge kosten, groene staalprojecten hebben uitgesteld of opgeschort.

 

Zonder hogere koolstofprijzen zal investeren in groene staalinitiatieven minder aantrekkelijk blijven. Toch bestaan er commercieel beschikbare emissiearmere alternatieven, zoals elektrische vlamboogovens. Beleid dat de lokale industrie en haar decarbonisatie-inspanningen ondersteunt, zoals maatregelen die staalimport ontmoedigen en vraag naar koolstofarm staal genereren, kan helpen om het tij te keren. 

Groene scheuten voor groen staal

Decarbonisatieprojecten in de staalindustrie van de Europese Unie

De kaart toont de veertien landen van de Europese Unie waar projecten voor decarbonisatie van de staalproductie lopen. De projecten zijn ingedeeld in drie categorieën: aangekondigd/bevestigd, in aanbouw en opgeleverd. Duitsland heeft vijf projecten in aanbouw, het hoogste aantal in de regio, gevolgd door Zweden met vier projecten. Italië heeft acht aangekondigde of bevestigde projecten, het hoogste aantal in de regio, gevolgd door zeven in Frankrijk en zes in Duitsland.

Bron: BNEF, per mei 2026. Toelichting: 'Aangekondigd' betekent dat een project is aangekondigd, maar er verder geen nieuws over is. 'Bevestigd' betekent dat er een financiële beslissing over het project is genomen of materiaal is besteld, maar de bouw nog niet officieel gestart is. 'In aanbouw' betekent dat de bouwwerkzaamheden voor het project officieel zijn aangevat. 'Opgeleverd' omvat zowel deels opgeleverde en volledig opgeleverde projecten als projecten waarvan de opleveringsstatus niet kan worden bepaald. Deels opgeleverd betekent dat de installatie in proef draait, volledig opgeleverd wil zeggen dat ze stabiel en continu functioneert.

Slotbedenkingen

 

De grotere geopolitieke onzekerheid, de volatiele energiemarkten en toenemende bezorgdheid over de macro-economische situatie kunnen de EU ertoe aanzetten haar emissieregels wat te versoepelen. Op korte termijn kan dat de prikkels voor de cement- en staalproducenten in de regio om werk te maken van decarbonisatie, verminderen. Voor langetermijnbeleggers betekent het gecombineerde streven naar energiezekerheid, industrieel concurrentievermogen én emissiereducties evenwel dat bedrijven die vroeg en doordacht de weg van decarbonisatie inslaan, op langere termijn een concurrentievoordeel kunnen uitbouwen. 

Bekijk de nieuwste research en inzichten in onze bibliotheek met ESG-perspectieven

Seema Suchak is sector research director ESG bij Capital Group. Zij heeft 22 jaar ervaring in de beleggingsbranche en werkt sinds 2021 bij Capital Group. Voordat Seema bij Capital kwam, werkte ze als head of sustainability research bij Schroders Investment Management. Daarvoor was ze senior sustainable investment analyst bij F&C Asset Management, tegenwoordig BMO Global Asset Management. Ze heeft een master in International Business van Birkbeck, University of London, en een bachelor in International Relations met Frans als bijvak van de University of Birmingham. De standplaats van Seema is Londen.

Matthieu Chateau is ESG-specialist met 9 jaar ervaring in de sector (per 31-12-2025). Hij heeft een masterdiploma in koolstofbeheer van de Universiteit van Edinburgh en een bachelordiploma in politicologie en geografie van Trinity College Dublin.

Alles over ESG bij Capital Group

Voetnoten/Belangrijke informatie:
1EUROCONSTRUCT. "100e EUROCONSTRUCT-conferentie – EUROCONSTRUCT." December 2025.
2Duits federaal ministerie van Financiën. "Special Fund for Infrastructure and Climate Neutrality – Federal Ministry of Finance – Issues." Geraadpleegd op 10 juni 2026.
3Europese cementvereniging (CEMBUREAU). "CEMBUREAU Key Facts & Figures." Juni 2025.
4Europese staalvereniging. "European steel in figures 2025." Geraadpleegd op 10 juni 2026.
5World Steel Association. "#steelFacts." Geraadpleegd op 10 juni 2026.
6Internationaal Energieagentschap. "Buildings – Energy System." Geraadpleegd op 10 juni 2026.
7Wereldhandelsorganisatie. "WTO | Steel Standards Principles." 2023; National Institute of Building Sciences. "Reducing CO2 Emissions with Green Cement and Concrete." Maart 2024.
8Heidelberg Materials. "EvoZero® Hits the Market: World’s First Carbon Captured Cement Delivered to Customers across Europe." Oktober 2025.
In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Het is niet mogelijk om direct te beleggen in een index, die niet wordt beheerd. De waarde van beleggingen en inkomsten daaruit kunnen zowel stijgen als dalen en u kunt uw inleg geheel of gedeeltelijk verliezen. Deze informatie is niet bedoeld als beleggings-, fiscaal of ander advies, noch als een aansporing tot het kopen of verkopen van effecten.
 
Verklaringen die worden toegeschreven aan een persoon verwoorden de mening van die persoon op het moment van publicatie en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs de mening van Capital Group of haar gelieerde ondernemingen. Alle informatie is per de aangegeven datum, tenzij anders vermeld. Sommige informatie kan van derden afkomstig zijn en de betrouwbaarheid van die informatie kan dan ook niet worden gegarandeerd.
 
Bij Capital Group staan drie beleggingsteams in voor het aandelenbeheer. Deze teams nemen in alle onafhankelijkheid beslissingen over beleggingen en het stemmen bij volmacht. Onze specialisten in vastrentende beleggingen verzorgen voor de hele Capital-organisatie het onderzoek naar en beleggingsbeheer van vastrentende producten. Voor effecten met aandelenkenmerken handelen ze echter uitsluitend namens een van de drie aandelenbeleggingsteams.